woensdag 5 maart 2014

Kunstwerk

Nog een moeilijke vraag uit de CITO-voorbeeldrekentoets 3F van 2013. 17% van de HAVO-leerlingen goed en 42% van de VWO-leerlingen geven het goede antwoord:

q9480img1.gif

Hoe pak je dat aan?

Om de aankoopsprijs in 1986 te kunnen vergelijken met de verkoopsprijs in 2009 moet je verkoopsprijs in euro omrekenen in dollar. De vraag is immers 'met hoeveel dollar...'. Als je de verkoopsprijs in dollar hebt dan kan je de winst uitrekenen.
  1. Bereken de verkoopsprijs in dollar.
  2. Bereken de winst (verkoopsprijs - aankoopsprijs)
  3. Bereken het aantal jaren van 1986 naar 2009.
  4. Bereken de toename per jaar.
  5. Rond af op duizendtallen.
Je krijgt dan:
  1. De verkoopsprijs in dollar is 32.700.000×1,34 = 43.818.000 dollar
  2. De winst is gelijk aan 43.818.000 - 385.000 = 43.433.000 dollar
  3. Het aantal jaren is 2009 - 1986 = 23
  4. De toename per jaar is 43.433.000 : 23 = 1.888.391,30 dollar
  5. Afgerond op duizendtallen is dat 1.888.000 dollar per jaar.
Het vijfstappenplan dus...:-)

Er begint zich zo langzamerhand wel een patroon te ontwikkelen, geloof ik. Alweer minimaal 5 evidente stappen te nemen. Een foutje is snel gemaakt... dat is wederom vragen om moeilijkheden.

Op zich is het wel een leuk probleem. Je koopt een kunstwerk voor slechts $385.000 en wat denk je? Na 23 jaar verkoop je de handel en dan hoef je verder nooit meer te werken, geen dingen te doen waar je geen zin hebt en vooral geen rekentoets te doen. Ergens doe ik iets niet goed...:-)

Maar kennelijk ben ik NIET de enige...:-(

De vraag was op WisFaq ook een keer langsgekomen:
In de komende weken zal ik nog 's wat vaker kijken naar de resultaten van de CITO voorbeeldrekentoets. Wat waren de moeilijke vragen? En waarom?