Posts tonen met het label iwo2010. Alle posts tonen
Posts tonen met het label iwo2010. Alle posts tonen

zondag 19 juni 2011

Internet en wiskundeonderwijs

De mooie momenten in het leven van een wiskundedocent: je doet maar wat en soms pakt dat nog goed uit ook nog. Dat je dan zelfs wel 's denkt dat je toch ergens best leuk bezig bent. Wat wil je nog meer?

Aan de andere kant: als je (zoals ik) allemaal van die aardige, gemotiveerde en hardwerkende studenten les mag geven dan moet je ook wel een hele grote sukkel zijn wil je zelfs dat verprutsen.:-) Volgens mij kan dat bijna niet. Zou je denken... Maar dat kan natuurlijk best. Ik doe ook wel 's dingen die 'echt' nergens op slaan, die ver onder de maat zijn en die eigenlijk verboden zouden moeten worden:-)

Maar ik word toch wel heel blij als ik dan in de cursus-evaluatie dit te lezen krijg:
Voor dat ik met deze cursus begonnen was, had ik weinig zin in en ik wou het doen om dat het moet. Het was dus meer voor mijn studiepunten. Toen ik mee begonnen was, had ik de smaak te pakken en ik heb de opdrachten met veel plezier gemaakt.
Dat is best bijzonder als je bedenkt dat de cursus helemaal digitaal is gedaan. Ik heb deze student niet gezien, hij heeft geen lessen gevolg en alles via de website gedaan. Kennelijk is het dus mogelijk om een leuke, nuttige en vooral leerzame cursus te doen zonder face2face-contact.

Weet je wat het nu het leukste is? Dat het nakijken van het werk en de opdrachten van feedback voorzien ook heel plezierig was. Een student die lol heeft in de opdrachten, de docent die er lol in heeft en dat het dan ook nog nuttig, leerzaam en de moeite waard was? Wat wil je nog meer?

zaterdag 11 juni 2011

Homo zappiens & multitasken

In het kader van de geleuterindicatoren ga ik 's wat roepen over `homo zappiens & multitasken`.

Homo Zappiens
In 2010 verscheen 'Homo Zappiens: opgroeien, leven en werken in een digitaal tijdperk' van Wim Veen. Op Homo Zappiens en vele andere plekken kan je er van alles over lezen.
`De in het boek beschreven praktijkexperimenten schetsen daar een aardig beeld van en geven een voorproefje op de toekomst. En met die inzichten kun je zeker je voordeel doen!`
De vraag is niet 'of' je er in het onderwijs iets mee moet, maar 'wat' je er nu precies mee moet. Ideeën genoeg, maar voorlopig zijn de 'deskundigen' het nog niet helemaal eens, geloof ik...

Multitasken
Als het om multitasken gaat is er altijd wel een wijsneus die komt duidelijk maken dat multitasken niet bestaat. Op zich klopt dat wel maar dat doet niet af aan het feit dat de 'moderne mens' veel verschillende dingen tegelijk (of naast elkaar) kan doen. Op Multitasken had ik er al een keer iets over geschreven:
Meestal denkt men bij zappende multitaskers aan jongeren en niet direct aan wat ‘jong uitgevallen ouden van dagen’ zoals ik. Toch is dat wel iets waar ik me het prettigst bij voel.
Als het waar is dat je hersens gewoon doorwerken als je ergens anders mee bezig bent dan is het niet verkeerd om bij intensieve activiteiten (wiskundige problemen oplossen, een cursus in elkaar zetten, lessen voorbereiden, e.d.) te zorgen voor afwisseling.

De vraag is dan: 'wat moet je er mee?'. Moet nu iedereen gaan multitasken en een homo zappiens worden? Of valt het nogal mee? Worden de zaken af en toe niet een beetje overdreven? Nou we zien wel.

zaterdag 12 februari 2011

Waar is het goed voor?

Af en toe zou ik 't bijna vergeten maar ik geef vooral 'gewoon' les. Als wiskundeleraar leg ik dingen uit, ik bedenk sommetjes, laat studenten oefenen en neem toetsen af. Af en toe verzin ik nog wel 's wat nieuwe cursussen maar (gezien mijn taakstelling) zou ik me gewoon moeten beperken tot de primaire taken. Doe maar normaal, dat is wel zo rustig:-)

Maar ja, op een lerarenopleiding wiskunde moet je natuurlijk ook iets aan 'ICT in het wiskundeonderwijs' doen. Dat is dan mijn primaire neventaak, mijn expertise, deskundigheid en 'roeping'. ICT hier, ICT daar, overal zit paardehaar... (van dat trekken aan dat dode paard:-)

Een mooi voorbeeld van zo'n ICT-opdracht vind ik bijvoorbeeld 2. Het nieuwe Internet. Het is een onderdeel van de cursus 'Internet en wiskundeonderwijs' waarin we allerlei mogelijkheden onderzoeken van het gebruik van Internet in en rond de wiskundeles.

In het 'fake-interview' komen drie belangrijke thema's omtrent webtwopointo naar voren: verbonden zijn, taggen en delen. Ik heb geprobeerd het een beetje 'simpel' en 'duidelijk' uit te leggen maar ik geloof niet dat de boodschap altijd meteen bij iedereen helemaal over komt:-)

Sommige studenten zeggen wel dat als ze wat meer tijd zouden hebben zich er wel verder in zouden willen verdiepen. De vraag is of die tijd er ooit komt. Dat is natuurlijk sowieso al het probleem van docenten. Die hebben het meestal al erg druk met de normale werkzaamheden. Die staan ook meestal niet te springen om allerlei extra werkzaamheden waar je dan vooral zelf in mag investeren.

Meestal mompel ik in de les nog wel iets over mijn eigen ervaringen: 'the love of my life', 'zo maar 40.000 euro' en 'de leukste baan van Nederland', maar veel indruk maakt dat niet. Maar ik blijf het proberen natuurlijk. Er zijn altijd studenten die het wel oppikken of dat al van te voren hadden opgepikt. Misschien komen anderen er dan na een tijdje achter en misschien duurt het gewoon nog even...

Wat dat betreft is er ook nog wel een verschil tussen 'ik weet er niks van, het interessert me niet maar ik heb er ook geen mening over' en 'ik weet er niks van, ik wil 't ook niet weten maar ik heb er wel een mening over'.

Dus ik bedoel maar...:-) Kort gezegd: het resultaat van de opdracht moet minimaal zijn: 'ik weet er iets van, het interesseert me wel en ik kijk nog wel...':-)

dinsdag 8 februari 2011

Leerlijn ICT

Bij de lerarenopleiding wiskunde ontstaat er zo langzamerhand een leerlijn ICT. Zo'n leerlijn is niet een vooraf bedacht plan maar meer het resultaat van reflecteren op die dingen die we doen. Na een tijdje 'popt' er, als het ware, vanzelf een soort van logische lijn wat betreft ICT in het curriculum op.

Bij een lerarenopleiding heb je altijd te maken met een dubbele bodem. Allereerst gaat het om het ondersteunen van je eigen onderwijs. Je geeft daarmee (hoop je dan) als opleiding het goede voorbeeld. De website speelt daarbij natuurlijk een grote rol. Zo'n website is geslaagd als je daarmee studenten kunt 'verbinden' aan de opleiding. Het is de eerste plek waar studenten naar toe gaan. Ik noem dat altijd maar de portaalfunctie van de website. Via de website kan je snel en makkelijk verder surfen naar al die andere plekken.

Daarnaast ondersteunen we op allerlei mogelijke manieren het 'normale onderwijs' met de website: een forum, het inleveren van opdrachten, docenten kunnen feedback geven, tips en truuks omtrent wiskunde en ICT, interessante hyperlinks, leuke fimpjes, digitale leerroutes, informeren, mededelingen doen,... Kortom: er valt iets te beleven!

Het tweede deel moet gaan over de inzet van ICT in hun eigen onderwijs dat ze geven of gaan geven. Je hoopt dat ze de meerwaarde van ICT leren zien en dat ze de inzichten en de kennis in hun eigen onderwijs gaan gebruiken waar dat nuttig en zinvol is. In de verschillende cursussen wordt daar uitgebreid aandacht aan besteed en ook daadwerkelijk uitgevoerd.

Daarnaast zou ICT bij elke cursus, waar nuttig, een plaats moeten krijgen. Bij de wiskundevakken, maar ook bijvoorbeeld bij vakdidactiek. Dat betekent dat de docenten zich continu zullen moeten blijven bekwamen in het gebruik van ICT in hun onderwijs.

Mijn idee is nog steeds dat je ICT altijd moet koppelen aan inhoud. Niet eerst kale ICT-vaardigheden leren, maar meteen ICT-activiteiten gebruiken gekoppeld aan inhoud. Je leert geen ICT om de ICT maar om wat je er mee kan. Ik zal daar nog wel 's voorbeelden van geven. Voor een wiskundeleraar zijn nu eenmaal andere middelen en mogelijkheden van belang dan bijvoorbeeld voor een leraar Nederlands of Geschiedenis. Knoppencursussen zijn zo saai!

Uiteindelijk, als dat allemaal gebeurt, is het aardig om te kijken of daar nu een lijn in valt te ontdekken. Dat is wel iets voor wiskundigen.:-)

Zie ook Wat is wiskundeleraar.nl?
voor 't geval iemand een memo heeft gemist

woensdag 2 februari 2011

Transparant maken

Ik gebruik bij 'Internet en wiskundeonderwijs' nog steeds de 'zeven pijlers van digitale didactiek'. Als je kijkt naar wat je allemaal met ICT zou kunnen doen in het onderwijs is het handig als je kijkt naar de verschillende 'functies' van dat gebruik. De 'zeven pijlers van digitale didactiek' geeft je dan een 'kapstok' waar je verschillende activiteiten kunt plaatsen. Als je bepaalde keuzes wilt verantwoorden wil dat nog wel 's helpen.

Eén van de onderdelen is transparant maken.
Dankzij ICT is het beter mogelijk patronen in denken en samenwerken transparanter te maken, waardoor het mogelijk wordt die te optimaliseren. Denk onder andere aan het zichtbaar maken van denkprocessen in online discussies, visualiseren en schematiseren, processen achter leren verhelderen of het zichtbaar maken van samenwerkingspatronen.
BRON: Eindelijk aandacht voor de didactiek van e-learning! - Robert-Jan Simons


Bij 'Analyse+' had ik een practicum 'Transformaties van functies; gemaakt. Een beetje vreemde titel, maar 't gaat over het transleren, vermenigvuldigen, spiegelen van grafieken. Het staat op Lesbrieven e.d.. Als afsluiting van het practicum doen de studenten dan een 'online-toet(s)je' om te kijken of het allemaal een beetje begrepen is.

Het idee (en dat is niet zo vreemd) is natuurlijk dat studenten eerst het practicum doen en dan het toetsje... maar (je begrijpt het al) zo werkt dat niet. Ze doen de toets, kijken waar het vast loopt en (in het beste geval) scannen nog even het bijbehorende gedeelte van het practicum. Daar ga je dan met je zorgvuldig opgebouwde leerarrangement. Als je dan zelfs zonder ook maar iets te doen ook nog 's een 6 kunt halen voor de toets dan kan je er zeker van zijn dat er van 'iets leren' weinig terecht komt. Alles bij elkaar een nogal zinloze onderneming...:-)

Als je erover nadenkt is dit in het voortgezet onderwijs op een veel grotere schaal vergelijkbaar. Je kunt een voldoende voor wiskunde halen zonder iets te leren. Wij roepen altijd wel dat de methoden concentrisch zijn en zorgvuldig opgebouwd maar ik geloof dat elke docent wel herkent dat je wel heel vaak het gevoel hebt dat er weinig is blijven hangen, je steeds weer van voor af gaan moet beginnen, dat ze in de bovenbouw de meest simpele dingen niet kunnen, enzovoort...

Kennelijk is het halen van een voldoende voor wiskunde geen garantie dat je iets geleerd hebt. Dat laatste is zorgelijk want 'wiskunde bouw je op' maar op deze manier is het gebakken lucht.

Soms krijg ik ook wel 's de 'vage indruk' dat studenten niet zo geinteresseerd zijn in het leren van wiskunde maar vooral om met zo min mogelijk moeite de punten binnen te halen. In sommige gevallen is dat misschien ook wel zo, maar 't ligt (hoop ik) toch iets gecompliceerder. Maar daarover misschien dan later meer...:-)

vrijdag 17 december 2010

Van open naar gesloten en weer terug...

Eén van de opvallende dingen bij de eindopdracht van 'Internet en wiskundeonderwijs' is dat de voormalige 'open' opdracht 'verzin een nuttige wiskundeles met een klas met ICT en voer die les ook uit en breng daar verslag van uit' inhoudelijk meestal niet tot erg heldere beschrijvingen lijkt te leiden. De suggesties die ik nu aan de hand doe worden weliswaar braaf opgevolgd maar daar blijft dan meestal bij. Dat werkt dus ook niet!

Te open is niet goed, te gesloten is ook niet goed. Bovendien hoop je natuurlijk dat 2 jaar vakdidactiek en de rest van de cursus voldoende aanknopingspunten zouden bieden voor een inhoudelijk sterke invulling van de eindopdracht. Maar ik geloof dat veel van deze zaken nog niet erg 'geland' zijn, zullen we zeggen.:-)

Dat is ernstig maar niet hopeloos. Misschien moet ik de concrete aanwijzingen wat afzwakken en meer refereren aan de begrippen die bij vakdidactiek en de cursus zelf aan de orde geweest zijn. Daarnaast zijn er nog wel een aantal verbeterpunten te bedenken. Maar 't is wel weer beter dan de vorige keer... dus uiteindelijk zal het wel steeds beter gaan... maar misschien ook wel niet.

zaterdag 11 december 2010

Kennisbasis ICT

Ik gebruik bij 'Internet en wiskundeonderwijs' al een tijdje de kennisbasis ICT. De cursus gaat vooral over ICT en vakdidactiek. Met name het onderdeel 'Arrangeren en ontwikkelen' uit de kennisbasis is daarbij interessant, maar ook andere onderdelen komen voor zover het wiskundeonderwijs betreft aan bod.

De rest van vaardigheden zullen dan wel ergens in het meer algemene ICT-gedeelte van de opleiding aan de orde moeten komen. Implementatie daarvan laat waarschijnlijk nog wel even op zich wachten. Er zal eerst nog wel een studiedag over worden gehouden moeten worden. Voordat iemand 'echt' iets gaat doen zijn we toch weer een jaar verder. Bovendien zal dat dan wel weer geld gaan kosten.

Kijk! Dat is nu het aardige van de inzet van ICT in het onderwijs. Als je dat handig doet kan je snel inspringen op actuele ontwikkelingen. Als er in maart 2010 een kennisbasis ICT beschikbaar komt dan zet je dat toch gewoon meteen in? Dat kan toch allemaal maar als je een beetje moeite doet.

Ik ben wel benieuwd hoe je iemand iets moet leren als je zelf niet weet waar je mee bezig bent...:-)

In verband met de nieuwe richtlijnen zijn de gratis adviezen verwijderd. Advies nodig? Vraag een offerte aan!:-)

dinsdag 23 november 2010

ICT-bekwaamheidseisen

Hoofduitgangspunt:
  • De student creëert ict-rijke leeromgevingen voor leerlingen en cursisten.
Dat betekent:
  • De student heeft kennis van (geavanceerde) ict-hulpmiddelen binnen de onderwijspraktijk.
  • De student past adequaat ict-hulpmiddelen toe in de onderwijspraktijk.
  • De student staat stil bij de invloed van ict-ontwikkelingen binnen de samenleving en reflecteert op de betekenis hiervan binnen de onderwijspraktijk.
  • De student durft te experimenteren met ict-toepassingen in de onderwijs- en opleidingenpraktijk.
BRON: ICT-e-notitiejan2005

donderdag 11 november 2010

Digibord?

"Maar liever een goede docent met een krijtbord dan een slechte docent met een digibord."
Steven de Jong

woensdag 10 november 2010

Het nieuwe werken (3)

Dat 'nieuwe werken' is echt geweldig. Ik heb deze week al meer dan 12 uur gewerkt. Morgen nog even toetsen doen en zo... en dan zit het er al weer op. Mooi!

De reader Analyse+ deel 1 met uitwerkingen is klaar, ik heb opdrachten nagekeken en nog zo wat... Al met al ben ik niet ontevreden.

Blok 1 werd toch wel een beetje overheerst door 'ICT en onderwijs' zullen we maar zeggen. Vakken als 'vakproject en wiskundeonderwijs' en 'internet en wiskundeonderwijs' hebben een hoog ICT-gehalte. Veel opdrachten en die moeten ook allemaal worden nagekeken en van passende en vooral prompte feedback worden voorzien.

Vakproject wiskunde & ICT
Je hebt nu 519 opdrachten nagekeken. Er zijn in totaal 42 deelnemers.

Internet en wiskundeonderwijs voltijd
Je hebt nu 331 opdrachten nagekeken. Er zijn in totaal 26 deelnemers.

Ik schrijf tijd en wat denk je? Waarschijnlijk heb ik dit blok ongeveer 24 uur te veel gewerkt. Dat is niet gek. Dus kennelijk werkt dat wel! ICT werkt!:-)

Dat is wel het mooie van 'het nieuwe werken'. Het gaat er niet om wat je zegt maar om wat je doet. Ik geloof dat ik toch wel meer van de praktische uitvoering ben dan van het uitjenekkletsen, meer een soort doedenker dan een een prater... Lekker een muziekje aan, geen mensen die aan je hoofd zeuren, biertje erbij... wat wil je nog meer?

Daar houd ik 't maar bij... lang leven het nieuwe werken!:-)

donderdag 4 november 2010

Lijstje voor Marcel

"Je kunt je inderdaad wentelen in een warm bad van je eigen gelijk als je opereert op een eiland of in een ivoren toren."
bron

Een aantal items voor het lijstje van innovaties die (laat ik me voorzichtig uitdrukken) niet 'echt' bestand (b)leken te zijn (zullen zijn of geweest zijn) tegen de tands des tijds1).

- Vakwijzer, Davindi, e.d.
- De digitale universiteit
- N@tschool
- Surfspace, surfgroepen e.d.
- Community wiskunde op kennisnet
- Wikiwijs

Oftewel: dingen waar ik niks aan heb. Ik zal 't lijstje nog aanvullen als me nog meer te binnen schiet... Zie ook ICT-bewustzijn.

1)slijtage door ouderdom

maandag 11 oktober 2010

Arrangeren en ontwikkelen

Ik kwam ergens op het grote Internet de vraag tegen of alle docenten nu moeten kunnen arrangeren en ontwikkelen. Ik heb 't niet geturft maar ik denk dat de conclusie van de meeste ICT-experts is: "arrangeren wel maar ontwikkelen niet'.

Er wordt dan meestal iets gezegd dat 'ontwikkelen' niet voor iedereen is weggelegd maar dat 'arrangeren' toch wel iets is wat docenten zouden moeten doen. Nu is het maar de vraag wat je onder 'arrangeren' verstaat. Ik denk dat we voorlopig dit leerarrangement vaak tegen zullen komen: we beginnen met hoofstuk 1, dan hoofdstuk 2, daarna hoofdstuk 3, ... Op Kwaliteit van digitaal lesmateriaal had ik min of meer geconcludeerd dat een schoolboek voorlopig misschien toch wel handig is.

Maar toch klopt er ergens iets niet. Hoe kan je nu arrangeren zonder te ontwikkelen? Dat je bestaande leerobjecten in een bepaalde volgorde zet betekent dat je een idee hebt over 'wat er geleerd' moet worden, in 'welke volgorde' dat moet gebeuren en hoe je daar dan verder vorm en inhoud aan geeft. Maar dat is ontwikkelen! Arrangeren zonder ontwikkelen? Dat kan helemaal niet! Onzin!

In de kennisbasis ICT staat dat 'arrangeren en ontwikkelen' ook al genoemd, maar je kunt je afvragen of 'arrangeren en ontwikkelen' daar wel thuis hoort. Hoort dat niet bij vakdidactiek? Ik denk het wel.
"De docent kan ICT gebruiken voor het arrangeren en/of het ontwikkelen van digitaal leermateriaal."
Maar zonder inhoud heeft dat weinig of niets te betekenen! In Wikiwijs kan je zo'n arrangeertool vinden. Volgens mij kan iedereen daar in 10 minuten mee uit de voeten. Maar ja, wat zet je er dan in?

Voordat je 't weet krijg je van die 'dingen' als dat geinspireerde leerarrangement waar wikiwijs zelf zo enthousiast over schijnt te zijn. Dat moet je toch niet willen!

'Arrangeren en ontwikkelen' is toch iets dat vooral met het schoolvak en vakdidactiek te maken heeft. Zonder stevige verankering van ICT bij het vak en het schoolvak wordt het natuurlijk nooit iets. Wat een treurigheid...:-)

zaterdag 9 oktober 2010

Wat heet nuttig?

"Overheidsinstellingen moeten zich afvragen of het inzetten van ict-middelen tijdens de les wel echt nuttig is."
bron

woensdag 6 oktober 2010

Internet en wiskundeonderwijs

De cursus Internet en wiskundeonderwijs bestaat uit verschillende onderdelen en een eindopdracht. Alle ‘successen’ en ‘mislukkingen’ van de afgelopen jaren hebben uiteindelijk (alweer) geleid tot een nieuwe cursus. De cursus loopt nog en ik vind het nu al veel beter dan vorig jaar. Er zitten allerlei leuke en nieuwe kantjes aan...

Het grootste probleem aan deze (en andere cursussen) is dat sommige studenten de opdrachten niet op tijd inleveren. Nu zou je natuurlijk gewoon deadlines kunnen gaan stellen of dingen doen dat als je te laat bent dat je dan geen 'G' krijgt maar een 'V', ben je nog later dan gewoon een 'O'. Kom volgend jaar maar terug! Tada!:-)

Maar daar heb ik eigenlijk niet zo'n zin in. Ik zou ook kunnen denken aan 'extra opdrachten' als je te laat bent, bijvoorbeeld. Kan ook. Maar ook daar heb ik niet zo'n zin in.

Toch is het vervelend als niet iedereen zo'n beetje tegelijkertijd de opdrachten van die week doet. Als dat wel zo zou zijn dan heb je iets om over te praten, iets om over te reflecteren, kortom: je zou het ingeleverde werk kunnen bespreken. Nu is het soms niet handig als ik al iets zeg over opdrachten als er studenten zijn die de opdracht nog niet gedaan hebben. Je grijpt dan toch een beetje in op de spontane verwerking van de opdracht, zullen we maar zeggen...

Bij wiskunde en leergebieden heb ik, denk ik, voor dit probleem wel een oplossing bedacht. Daar zal ik later nog wel een keer iets over schrijven.

Het probleem van deadlines is dat als je dat doet studenten weliswaar zich daar wel aan zullen houden maar dat zoiets niet noodzakerlijkwijs leidt tot geinspireerde studentactiviteiten. Ze zullen zich vast wel aan de deadlines houden, maar men zuigt gewoon van alles uit de spreekwoordelijke duim omdat het nu even moet, zullen we maar zeggen. Dat wil je natuurlijk niet!

Feitelijk is het 'niet op tijd de opdrachten doen' een teken aan de wand. Kennelijk zijn andere dingen op dat moment belangrijker. Op zich is dat sowieso een probleem met e-leren. Als je een presentatie moet doen dan heb je geen keus, je moet er op dat moment wel staan en iets te melden hebben. Zo niet dan ga je af, krijg je je punten niet en dat kan natuurlijk niet. Maar veel opdrachten kunnen morgen ook nog wel, of volgende week of weet je wat? In de herfstvakantie ga ik aan het werk...

Ik merk ook dat ik bij de feedback op opdrachten van die laatkomers minder neiging heb om uitgebreid te reageren. Dat is vast begrijpelijk, maar dat is dan niet erg bevorderlijk voor het leerproces. Ze waren al laat en nu krijgen ze minder te horen dan de vroege vogels.

't Is lastig allemaal. Ik ben er nog niet uit. Ik geloof dat ik een beetje van het Montessori ben. Je geeft iedereen de ruimte om het zelf te doen, doe je dat niet dan registreer je dat, maar je mag fouten maken, maar je moet het zelf doen!

Ik denk er nog 's over na, denk ik...:-)

maandag 4 oktober 2010

Digitale communicatie

Veel mensen vinden al dat digitale gedoe maar onzin. t Is onpersoonlijk en 't meeste is geklets van mensen die niet weten waar ze 't over hebben...

Die mensen hebben natuurlijk helemaal gelijk. Wat dat betreft is Internet een goede afspiegeling van de 'werkelijke wereld'. Net zoveel onzin en net zoveel maloten als normaal, inderdaad...:-)

Internet is niet minder werkelijk of echt dan alle andere weerspiegelingen van de menselijke geest.

zondag 26 september 2010

Noodzaak en betrokkenheid

"Wanneer we naar aanpakken kijken zoals Fullan of Marzano hebben beschreven, dan zijn er belangrijke twee sleutels: noodzaak en betrokkenheid. Wanneer we de sleutel van innovatie blijven zoeken in nieuwe soft- en hardware, dan blijven we langzaam ronddobberen. Scholen die erin slagen om een team mee te krijgen in de noodzaak van ICT-toepassingen en weten hoe je betrokkenheid creëert, vormen de voorlopers. En die zijn niet begonnen bij de techniek."
bron

Mythevorming

"Zij zetten wat mij betreft een dikke streep onder het 'net-generatie'-debat. Bennett cs concluderen terecht dat de relatie 'jongeren-technologie' veel complexer is dat de digital native characterisation suggereert."
De mythe van de 'digital native' doorgeprikt

donderdag 23 september 2010

Iedereen had een voldoende

'Bij maatschappijleer moesten we googlen hoe oud je moet zijn om te mogen werken. Eentje heeft het opgezocht, de rest heeft drie kwartier zitten surfen en aan het einde van de les de antwoorden gekopieerd,' zegt Floris van Gorkum (15). 'Iedereen had een voldoende.'
Help! De leraar is digibeet - Nederlands Dagblad - 17-5-2006

vrijdag 10 september 2010

Een digitale leerroute maken

Voor het bedenken, het maken en werken met een digitale leerroute zijn er allerlei middelen beschikbaar. Het succes (of de mislukking) hangt meestal niet af van de gebruikte middelen. De doorslaggevende factoren zijn de inhoud, de mate van interactie, de inspiratie en de creativiteit van de docent/ontwikkelaar. Maar zonder de inzet, welwillendheid en de bevlogenheid van de studenten kom je natuurlijk nergens...



Ik heb luchtig beschreven hoe ik zo ongeveer een digitale leerroute maak. Meestal worden de cursussen wel ondersteund met wekelijkse bijeenkomsten, maar de cursussen zijn meestal ook helemaal digitaal te doen.

Zie Een digitale leerroute maken